Achtergrondinformatie krimp

Rapport van Frans Stieber: "Bewust op weg met krimp" met onderzoekgegevens over de krimp in de Achterhoek (2010).

Bewust op weg met krimp.
 
Presentatie van Dr.Frans Thissen met o.a. onderzoeksgegevens over de leefbaarheid van dorpen zonder school:


Bevolkingskrimp op het platteland - Spookdorpen in Nederland?
Dr Frans Thissen
Universiteit van Amsterdam

---------------------------------------------------------------------------------------------------------

Presentatie van Sjaak Kregting (Spectrum Gelderland) met cijfers over bevolkingsontwikkeling per gemeente.

Spookdorpen in Nederland Sjaak Kregting (Spectrum).pdf
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Integraal accommodatiebeleid.
 
Het gemeentelijk accommodatiebeleid zal de komende jaren onder druk komen te staan. Van een lokaal beleid gericht op de voorzieningen binnen één bestuurlijk gebied zal er een omslag nodig zijn naar regionale actieplannen waarin gemeenten, regio’s, woningcorporaties, schoolbesturen en andere maatschappelijke instellingen moeten aangeven hoe zij kwalitatief goede en bereikbare voorzieningen voor jong en oud blijven garanderen. Dit vraagt een focus waarin er niet alleen gekeken moet worden naar de huidige accommodaties, maar er ook gekeken wordt naar aspecten als mobilisering en digitalisering dan wel het realiseren van tijdelijke en flexibele voorzieningen al dan niet in bestaande accommodaties. Het spreekt voor zich dat in deze nieuwe voorzieningenplanning op regionale schaal afstemming van groot belang is tussen meerdere wijken, stadsdelen, kernen en gemeenten. Daarnaast moet er bereidheid zijn samen de verantwoordelijkheid te nemen blijvend te investeren in een toekomstbestendige voorzieningenstructuur. De huidige economische situatie en de demografische ontwikkelingen dwingen lokale overheden meer over de grenzen van wijken, stadsdelen, kernen of gemeenten te kijken.«
Integraal accommodatiebeleid.pdf

---------------------------------------------------------------------------------------------------------
Gevolgen van krimp voor onderwijshuisvesting.pdf

---------------------------------------------------------------------------------------------------------
Handboek krimp

Nederlandse bevolking stabiliseren en vervolgens omslaan in krimp. Het feit dat er structureel minder kinderen geboren worden (ontgroening) dan er mensen sterven (vergrijzing), is daarvan de belangrijkste oorzaak.
Voor het onderwijs is vooral die eerste ontwikkeling van belang: in Nederland krijgen vrouwen sinds enkele decennia gemiddeld 1,7 kind en dat is een stuk minder dan de 2,1 kinderen die nodig zijn om de omvang van de bevolking stabiel te houden. Het ziet er niet naar uit dat dit op korte termijn gaat veranderen. Dat betekent dat schoolbestuurders de komende decennia voor de opgave staan om het onderwijsaanbod aan te passen aan almaar dalende leerlingenaantallen. Het is overigens een misverstand om te denken dat deze demografische ontwikkeling alleen gevolgen heeft in de drie, door de regering benoemde, ‘krimpregio’s’ (Zuid-Limburg, Zeeuws-Vlaanderen en Noordoost Groningen). Dat blijkt ook uit deze rapportage: twee van de vijf casussen zijn gesitueerd buiten de krimpregio’s. De ontgroening is immers in vrijwel heel Nederland aan de gang.
Accommoderen, of meebewegen met krimp, is een geheel nieuwe uitdaging voor het onderwijs. Schoolbestuurders krijgen te maken met vragen, waar momenteel nog weinig antwoorden op zijn. Hoe kun je krimp zien aankomen? Wanneer breekt het moment aan om maatregelen te nemen? Hoe en wanneer breng je ouders en leerlingen op de hoogte?
In opdracht van de provincie Limburg heeft onderzoeksbureau APE vijf concrete casussen bestudeerd, waarbij schoolbesturen geconfronteerd werden met leerlingenkrimp. Op basis hiervan zijn enkele lessen voor schoolbestuurders op een rij gezet. De casussen zijn gekozen in samenspraak met de ThemagroepOnderwijs van het Nationaal Netwerk Bevolkingsdaling. Belangrijkste criteria voor de selectie waren een goede regionale spreiding en een evenwichtige verdeling van casussen over het primair en voortgezet onderwijs. Bovendien is gezocht naar casussen in een zo ver gevorderd mogelijk ontwikkelingsstadium.
Dit laatste criterium sloot veel potentiële casussen uit: de lijst van schoolbesturen met concrete ervaring met krimp is vrij kort. Desondanks is er een aantal interessante casussen geselecteerd in Zuid-Limburg, Zeeland, Drenthe en de Achterhoek. Alhoewel er aanzienlijke verschillen zijn in de omstandigheden per regio, valt er veel te leren uit deze vroege ervaringen.
De case studies bestaan uit een inventarisatie van publicaties in de media, een analyse van bestuurlijke documenten (van schoolbesturen en gemeenten) en een reeks interviews met ouders, leden van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraden, bestuurders van onderwijsstichtingen of scholengemeenschappen en (oud) wethouders. Bij elke casus hebben tenminste twee personen onafhankelijk van elkaar een beschrijving van de gebeurtenissen gegeven, zodat een intersubjectieve reconstructie gemaakt kon worden.

Handboek krimp.pdf